Maatregelen coronavirus (COVID-19) Meer informatie
28-09-2022

Sander Dekker nieuw lid raad van bestuur Maasstad Ziekenhuis per 1 januari 2023

Per 1 januari 2023 treedt Sander Dekker aan als nieuwe bestuurder van het Maasstad Ziekenhuis. Samen met bestuurder Wietske Vrijland vormt Dekker de raad van bestuur en gaat hij verder invulling geven aan de strategie en de ambities van het ziekenhuis. Daarbij is bewust gekozen voor collegiaal bestuur, waarin de twee bestuurders elkaar qua profiel en achtergronden goed aanvullen. Tot de komst van Dekker zal Jaap van den Heuvel ad interim lid blijven van de raad van bestuur.

Ervaring
Sander Dekker (1975) – bestuurskundige van huis uit - vervulde verschillende bestuurlijke functies op lokaal niveau en bij de Rijksoverheid. Tussen 2006 en 2012 was hij wethouder bij de gemeente Den Haag en onder andere verantwoordelijk voor financiën, onderwijs en stadsbeheer. Daarna werd hij  staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Tussen 2017 tot 2022 was hij minister voor Rechtsbescherming bij het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dekker: “Het Maasstad Ziekenhuis is een ambitieus en vooruitstrevend ziekenhuis op misschien wel één van de meest uitdagende plekken van Nederland. Hier kan goede zorg echt het verschil maken. Ik kijk ernaar uit om samen met collega’s ook in de toekomst de beste zorg te kunnen blijven verlenen aan patiënten.”

De raad van toezicht en de raad van bestuur zijn blij met zijn benoeming en hebben alle vertrouwen in een succesvolle samenwerking. Bart van de Leemput, voorzitter raad van toezicht: ”We zijn ervan overtuigd dat we in Sander een enthousiaste en betrokken bestuurder hebben gevonden met waardevolle expertise en ervaring om de ingezette koers van ons ziekenhuis verder uit te bouwen.” Vrijland vult aan: “Sanders ervaring met complexe vraagstukken en zijn verbindingskracht zijn waardevol voor zowel het ziekenhuis als voor het volbrengen van de opdracht die we met onze netwerken in de regio en met Santeon hebben. Die opdracht is het betaalbaar, toegankelijk en tegelijkertijd kwalitatief goed houden van de zorg.”