(verdenking) Huidkanker

Vanaf het moment dat bij u de verdenking op huidkanker bestaat, doorloopt u een traject met diverse onderzoeken en behandelingen. Dit traject noemen wij het zorgpad huidkanker. De stappen in dit zorgpad zijn zo goed mogelijk op elkaar afgestemd. U hoeft daardoor niet onnodig vaak naar het ziekenhuis te komen. Ook is de tussentijdse wachttijd hierdoor beperkt. Tijdens dit traject bent u onder behandeling van een dermatoloog en/of een (plastisch) chirurg. Hij of zij stelt de diagnose, zet onderzoeken in gang en bespreekt met u de uitslagen en de mogelijke behandelopties.

Doorloop de 5 stappen van het zorgpad

Per stap kunt u lezen wat u te wachten staat en hoe u zich het best kunt voorbereiden. Links ziet u eveneens de stappen van het zorgpad.

  1. 1.
    Verwijzing
  2. 2.
    Polikliniek Bezoeken
  3. 3.
    Diagnose
  4. 4.
    Behandeling
  5. 5.
    Nazorg
Verwijzing / (verdenking) Huidkanker

Huidkanker is te herkennen aan een combinatie van symptomen. Wanneer u deze symptomen herkent en u tijdig naar uw huisarts gaat, kan het ontstaan van een huidtumor vroegtijdig opgespoord worden.

Huidkanker kan ontstaan uit verdachte plekjes of moedervlekken op het lichaam. Hier kunt u specifiek letten op:

  • Asymmetrie: de vlek heeft niet aan beide kanten dezelfde vorm.
  • Randen: de vlek heeft een vage, soms aflopende rand.
  • Kleur: de vlek bestaat uit verschillende kleuren (bruin, zwart, rood en wit).
  • Grootte: de plek is een stuk groter dan een normale moedervlek (de regel is een diameter van meer dan 6 millimeter).

Wanneer u moedervlekken of andere verdachte plekken niet vertrouwd, maak dan een afspraak met uw huisarts. Uw huisarts doet verder onderzoek naar de verdachte plek en verwijst u door naar de specialist in het ziekenhuis wanneer hij of zij het niet vertrouwd.

Risicofactoren

Risicofactoren die de kans op huidkanker verhogen zijn:

  • Bovengemiddelde blootstelling aan zonlicht en UV straling (hier valt ook zonnebankgebruik onder).
  • Een licht huidtype (huidtype 1 of 2). Mensen met dit huidtype zijn gevoeliger voor UV straling.
  • Verbranding van de huid. Hoe vaker iemand verband is hoe groter de kans op huidkanker.
  • Het hebben van meer dan 50 moedervlekken op de huid.
Polikliniek Bezoeken / (verdenking) Huidkanker

Na verwijzing van uw huisarts kunt u binnen een week op de polikliniek van het Maasstad Ziekenhuis gezien worden. Afhankelijk van verschillende factoren, is dit op de polikliniek Dermatologie, Chirurgie of Plastische Chirurgie. Is er een verdenking op een kwaadaardige vorm van huidkanker, ook wel een melanoom genoemd, dat kunt u dezelfde dag terecht op een spoedplek.

Bij uw eerste bezoek aan de polikliniek maakt u kennis met uw behandelend arts. Hij/zij stelt u vragen over uw ziektegeschiedenis, gezondheidstoestand, medicatiegebruik en of uw klachten hebt (de anamnese). Ook wordt lichamelijk onderzoek verricht en wordt gekeken of er nog andere verdachte plekken op het lichaam zijn. Indien er meerdere familieleden zijn die huidkanker hebben (gehad) kan u verwezen worden naar de klinisch geneticus die onderzoekt of de huidkanker erfelijk is. Indien u medicijnen gebruikt, verzoeken wij u een medicatieoverzicht mee te nemen.

Bij verdenking op een melanoom wordt meestal gelijk bij het eerste polikliniekbezoek de plek op de huid weggesneden. De plek wordt plaatselijk verdoofd zodat u hier niets van voelt. Na het verwijderen van de plek, wordt de wond gedicht en verbonden. Het wordt aangeraden dat u pijnstilling in huis haalt. Paracetamol is voldoende.

Is er geen verdenking op een kwaadaardige tumor, dan wordt er een nieuwe afspraak met u gemaakt om de plek te verwijderen.

Wij raden u aan op de dag van uw afspraak een vertrouwd persoon mee te nemen. U ontvangt namelijk veel en voor u vaak nieuwe informatie.

In het Maasstad Ziekenhuis hebben we casemanagers. Dit is een oncologieverpleegkundige die u tijdens het gehele ziekenhuisproces begeleidt, hij of zij is ook uw aanspreekpunt.

Samen beslissen

In het ziekenhuis en bij uw behandeling staat u als patiënt centraal. We vinden het daarom erg belangrijk dat de behandeling van uw ziekte samen met u wordt bepaald. De arts, casemanager en verpleegkundigen adviseren u welke behandeling het meest geschikt voor u is. Indien u zich niet prettig voelt bij de geadviseerde behandeling of andere ideeën heeft, willen wij u stimuleren dit vooral duidelijk te maken aan de arts of de casemanager.

Hoofdbehandelaarschap

Tijdens uw behandeling kan het zijn dat u te maken krijgt met verschillende specialisten. Er is steeds één specialist uw eigen dokter (hoofdbehandelaar), maar afhankelijk van de behandeling die u nodig heeft kan het hoofdbehandelaarschap wisselen: rond de verwijderen van de verdachte plek is dit de dermatoloog of (plastisch) chirurg. Indien een behandeling met immunotherapie nodig is, is uw hoofdbehandelaar de internist-oncoloog. Behandelingen met immunotherapie worden gegeven in het Erasmus MC Kankerinstituut.

Meer informatie

Meer informatie over de polikliniek, zoals contactgegevens en routebeschrijving vindt u hieronder.

Diagnose / (verdenking) Huidkanker

Nadat de specialist de verdachte plek op de huid heeft verwijderd, doet de patholoog onderzoek of de tumor goedaardig of kwaadaardig is.

Wat is (huid)kanker

Kanker is een verzamelnaam voor meer dan honderd verschillende ziekten. Al deze verschillende soorten kanker hebben één gemeenschappelijk kenmerk: een ongeremde deling van lichaamscellen. Hierdoor ontstaat er een gezwel of tumor. Huidkanker is een veel voorkomende ziekte. Elk jaar treft het circa 16.000 patiënten in Nederland. 

Goed- en kwaadaardige gezwellen

Er zijn goedaardige en kwaadaardige gezwellen of tumoren. Tumor is een ander woord voor gezwel. Een kwaadaardige tumor kan omliggende weefsels en organen opzij drukken, kan er in groeien en uitzaaien.

Huidkanker is niet altijd kwaadaardig. Het zogenoemde basaalcelcarcinoom en plaveiselcelcarcinoom van de huid zijn goedaardig. Wanneer de tumor goedaardig, is de behandeling na het wegsnijden afgerond. Wanneer de huidtumor kwaadaardig is spreken we van een melanoom. Deze vorm van huidkanker kan uitzaaien naar de lymfeklieren en moet daarom verder behandeld worden. Het traject dat vanaf dit punt beschreven wordt geldt voor patiënten bij wie de diagnose melanoom is gesteld.

Oncologie - Goedaardig gezwel.jpg

 Goedaardig gezwel. De gevormde cellen dringen geen omliggend weefsel binnen.

 Oncologie - Kwaadaardig gezwel.jpg

Kwaadaardig gezwel. De cellen dringen wel omliggend weefsel binnen.

Melanoom en stadiumindeling

Om te kunnen bepalen welke behandeling(en) de specialist u voorstelt, moet hij of zij weten uit welke soort kankercellen de tumor is ontstaan, hoe kwaadaardig deze zijn en wat het stadium van de ziekte is. Onder het stadium verstaat men de mate waarin de ziekte zich in het lichaam heeft uitgebreid. De specialist stelt het stadium van de ziekte vast door onderzoek te doen naar:

  • De plaats en de grootte van de tumor.
  • De mate van doorgroei in het omringende weefsel.
  • De aanwezigheid van uitzaaiingen in de lymfeklieren en/of organen elders in het lichaam.

Bij een melanoom wordt de tumor ingedeeld in één van de vijf stadia:

Stadium 0

De tumor zit alleen in de buitenste laag van de huid (epidermis). Hij is niet doorgegroeid naar de binnenste laag van de huid (dermis). In de lymfeklieren zitten geen kankercellen.

Stadium I

Stadium I is ingedeeld in stadium IA en IB.
Dit is afhankelijk van de combinatie van dikte, zweervorming en celdeling:

Stadium IA

  • de tumordikte is minder dan 1 mm zonder zweervorming en zonder celdelingen in de binnenste laag van de huid (dermis).

Stadium IB

  • de tumordikte is minder dan 1 mm met zweervorming of met 1 of meerdere celdelingen in de binnenste laag van de huid (dermis);
  • de tumordikte is 1 tot 2 mm zonder zweervorming.
In de lymfeklieren zitten geen kankercellen.
Stadium II

Stadium II is ingedeeld in stadium IIA, IIB en IIC.
Dit is afhankelijk van de combinatie van dikte en zweervorming:

Stadium IIA

  • de tumordikte is 1 tot 2 mm met zweervorming;
  • de tumordikte is 2 tot 4 mm zonder zweervorming.

Stadium IIB

  • de tumordikte is 2 tot 4 mm met zweervorming;
  • de tumordikte is meer dan 4 mm zonder zweervorming.

Stadium IIC

  • de tumordikte is meer dan 4 mm met zweervorming. 

De lymfeklieren bevatten geen kankercellen.

Stadium III Stadium III is ingedeeld in stadium IIIA, IIIB en IIIC. Dit is afhankelijk van de plaats, het aantal en de omvang van de uitzaaiingen.
Stadium IV

Bij stadium IV is de tumor uitgezaaid:

  • voorbij de regionale lymfeklieren naar een deel/delen van de huid of naar andere lymfeklieren;
  • of naar andere organen zoals de lever, longen of de hersenen.
Behandeling / (verdenking) Huidkanker

De patholoog heeft vastgesteld dat de verdachte plek op de huid een melanoom is. Om controle te krijgen over de ziekte en uitzaaiingen te ontdekken is een chirurgische nabehandeling nodig. U krijgt daarom een afspraak met de chirurg op de polikliniek Chirurgie. Indien het melanoom in uw gezicht is, wordt de plastisch chirurg uw behandeld arts.

Het kan zijn dat bij het verwijderen van het melanoom in het onderhuids vetweefsel rondom de plaats waar eerder het melanoom werd verwijderd nog losse cellen bevinden als begin van een uitzaaiing. De chirurg doet daarom een re-excisie, hierbij wordt de huid rondom het litteken nog verder verwijderd om de mogelijk losse cellen ook te verwijderen. U wordt hier plaatselijk verdoofd. De chirurg voert soms ook een schildwachtklierprocedure uit. Of de schildwachtklierprocedure uitgevoerd wordt is afhankelijk van de agressiviteit van de tumor. De chirurg bespreekt met u of deze procedure nodig is of niet.

Schildwachtklier procedure

De schildwachtklier is de lymfeklier die als eerste het lymfevocht uit de tumor opvangt. Als de tumor uitzaait, is dat als eerste naar de schildwachtklier. Door de schildwachtklierprocedure kan onderzocht worden of er uitzaaiingen zijn. Een ander woord voor schildwachtklier is poortwachterklier of sentinel node. Welke lymfeklier de schildwachtklier is, is afhankelijk van de plek van de tumor. Door een kleine hoeveelheid radioactieve vloeistof rondom het gebied van de tumor in te spuiten kan de schildwachtklier opgespoord worden, de vloeistof gaat namelijk naar deze klier. Met speciale apparatuur kan de radioactieve vloeistof en de schildwachtklier gevonden worden. U wordt hier plaatselijk verdoofd waarna de chirurg de schildwachtklier verwijderd.

Voor stadium 3 en 4 melanomen kan een aanvullende behandeling met immunotherapie nodig zijn. Immunotherapie voor melanomen wordt niet geboden in het Maasstad Ziekenhuis. Wij werken hiervoor nauw samen met het Erasmus MC kankerinstituut. Uw arts bespreekt of immunotherapie nodig is in uw situatie.

Nazorg / (verdenking) Huidkanker

Na de behandeling komt u nog regelmatig terug in het ziekenhuis voor controle. Daarnaast bieden wij waar mogelijk ondersteunende zorg of verwijzen u door.

Controleperiode na de behandeling

  • Het eerste jaar is er iedere drie maanden een afspraak, de ene keer komt u bij de chirurg op controle de andere keer komt u bij de dermatoloog op controle.
  • Het tweede jaar, wordt er om de zes maanden een afspraak met u gemaakt, ook hier worden het bezoek aan de chirurg en dermatoloog afgewisseld.
  • Het vierde en vijfde jaar, heeft u jaarlijks een controle afspraak.

Ondersteunende zorg

Ieder mens is anders en iedereen gaat anders om met kanker. Voor sommige mensen is praten met lotgenoten een manier. Anderen zijn vooral geïnteresseerd in de medische aspecten van het ziekteproces. Of willen er vooral niet te veel bij stil staan. Iedereen doet het op zijn eigen manier. Afhankelijk van uw situatie kunt u zelf bepalen welke ondersteunde zorg voor u belangrijk is.

In het ziekenhuis proberen we u zo goed mogelijk te begeleiden. Belangrijk voor uw arts en casemanager is om te weten of u problemen naar aanleiding van uw ziekte ervaart. Mede door de behandeling die u ondergaan heeft, kunnen er klachten of problemen zijn ontstaan. Bijvoorbeeld op het gebied van:
•    vermoeidheid;
•    seksualiteit;
•    angst;
•    werkhervatting.

Het Maasstad Ziekenhuis heeft aandacht voor uw geestelijk en psychosociaal welzijn. Naast medische zorg kunnen speciale hulpverleners (geestelijk verzorgers, medisch maatschappelijk werkers en psychologen) u helpen om beter om te gaan met de gevolgen en behandeling van uw ziekte (ook wel spirituele en psychosociale zorg genoemd). Hieronder wordt deze ondersteunende zorg beschreven. Uw casemanager kan u hier ook meer over vertellen. Ook zijn er buiten het ziekenhuis verschillende programma’s en instanties die u mogelijk kunnen helpen.

Psychosociale begeleiding    

Leven met kanker is niet vanzelfsprekend. Dat geldt voor de periode dat er onderzoeken plaatsvinden, het moment dat u te horen krijgt dat u kanker heeft en de periode dat u wordt behandeld. Na de behandeling is het meestal niet eenvoudig de draad weer op te pakken. Ook uw partner, kinderen, familieleden en vrienden krijgen veel te verwerken. Vaak voelen zij zich machteloos en wanhopig en zijn bang u te verliezen.

Er bestaat geen pasklaar antwoord op de vraag hoe u het beste met kanker kunt leven. Iedereen is anders en elke situatie en beleving is anders. Iedereen verwerkt het hebben van kanker op zijn eigen manier en in zijn eigen tempo. Uw stemmingen kunnen wisselend zijn. Het ene moment bent u misschien verdrietig, het volgende moment vol hoop. Het kan zijn dat door uw ziekte en alles wat daarmee samenhangt uit uw evenwicht raakt. U kunt het gevoel hebben dat alles u overkomt en dat u zelf nergens meer invloed op heeft.

De onzekerheid die kanker met zich meebrengt, is niet te voorkomen. Er spelen vragen als: slaat de behandeling aan, van welke bijwerkingen ga ik last krijgen en hoe moet het straks in de toekomst.
U kunt wel meer grip op uw situatie proberen te krijgen door goede informatie te zoeken, een dagboek bij te houden of er met anderen over te praten. Met bijvoorbeeld mensen uit uw omgeving; uw specialist, huisarts, casemanager of (wijk)verpleegkundige.

Een aantal mensen komt niet zelfstandig uit de moeilijkheden. Naast de steun van de partner, kinderen en bekenden en de zorg van artsen en verpleegkundigen, hebben zij meer nodig om met de situatie om te kunnen gaan. Binnen het Maasstad Ziekenhuis kunnen zorgverleners zoals, maatschappelijk werkers, psychologen of geestelijke verzorgers u extra begeleiding bieden. Indien u hiervan gebruik wenst te maken kunt u dat bespreken met de casemanager of kijk hier voor meer informatie.

Externe samenwerking / belangrijke adressen

  • Stichting OOK
    Stichting OOK helpt patiënten en naasten om zo goed mogelijk om te gaan met de impact die de diagnose kanker kan hebben, door het bieden van de juiste ondersteuning op het juiste moment. U kunt in het OOK Centrum op de Zorgboulevard terecht voor informatie over de gevolgen van kanker, persoonlijk advies en een compleet aanbod aan niet-medische ondersteuning. Of zoek zelf passende ondersteuning bij uw problemen bij u in de buurt, via de OOK Wijzer,  www.ookwijzer.nl.
  • Informatie- en themabijeenkomsten
    Stichting OOK organiseert regelmatig themabijeenkomsten over hoe u kunt omgaan met de gevolgen van kanker in uw leven en in samenwerking met het Maasstad Ziekenhuis ook informatiebijeenkomsten over specifieke tumorsoorten. Kijk voor de actuele agenda en meer informatie op www.stichting-ook.nl.
    Vraag uw casemanager om de folder van Stichting OOK of loop vrijblijvend binnen bij het OOK Centrum op de Zorgboulevard, bij ingang 3. Telefoon: (010) 292 36 10, e-mail: info@stichting-ook.nl.

‘Look Good, Feel Better’

Het Maasstad Ziekenhuis organiseert de workshop ‘Look Good, Feel Better’. Op een positieve manier wordt praktische informatie en advies gegeven over uiterlijke verzorging bij kanker.
Tijdens de workshop krijgt u in een ontspannen sfeer professionele adviezen over huid- en haarverzorging. De workshop duurt twee uur en is voor u als deelnemer gratis. Na de workshop krijgt u een tasje met cosmeticaproducten mee naar huis. Indien u wilt deelnemen aan deze workshop kunt u contact opnemen met de casemanager.

Werkhervatting & re-integratie

Tijdens de behandeling bent u mogelijk minder goed of niet in staat om te werken. U hebt te maken met allerlei instanties en personen.
Gevolgen van uw ziekte en behandeling, zowel fysiek als psychisch en soms ook sociaal (denk aan collega’s die het er moeilijk mee kunnen hebben), maken het moeilijk om het oude leven weer op te pakken. Met name werkhervatting kan een struikelblok zijn.
Er bestaan organisaties die u kunnen begeleiden bij de re-integratie naar uw werk na de behandeling van kanker.

  • Weer aan het werk
    De handleiding ‘Wat en hoe bij Kanker en Werk’, van het NFK, kan u helpen zelf de regie te nemen tijdens uw ziekte- en re-integratieproces. Per fase in het ziekteproces kunt u nagaan wat u van zorgverleners mag verwachten. Bijvoorbeeld met welke situaties u rekening kunt houden en welke activiteiten u kunt ondernemen om de regie over werkhervatting te houden en de re-integratie te bevorderen. Ook wordt ingegaan op specifieke aspecten van kanker en werk zoals fysieke klachten en beperkingen, vermoeidheid, angst, depressie en cognitieve problemen. Ook is in deze handleiding aandacht voor de positie van zelfstandig ondernemers.
    In de handleiding staan een aantal organisaties en diverse websites waar u terecht kunt voor meer informatie over kanker en werk. U kunt ook mailen naar werkhervatting@nfk.nl. De handleiding is beschikbaar als e-brochure en gratis te downloaden via www.nfk.nl. Of informeer bij uw casemanager.
  • Websites
    Overige aanbevolen re-integratiebureaus speciaal gericht op werkhervatting na kanker:
    •   www.careforcancer.nl
    •   www.stap.nu
    •   www.dosomegood.nl
    •   www.human-support.nl
    •   www.re-turn.nl
  • Re-integratie kiezen
    Onderstaande websites bieden informatie en verschaffen nieuws over re-integratie. En bieden een overzicht van re-integratiebureaus.
    •   www.reintegratiekiezen.nl
    •   www.kiesjereintegratie.nl
  • Welder
    Welder (voorheen Breed Platform Verzekerden en Werk) is er voor iedereen met een gezondheidsprobleem of handicap die informatie zoekt over het krijgen en houden van werk, uitkeringen en verzekeringen.
    •   www.vraagwelder.nl - biedt praktische informatie, advies en tips
    •   www.reisgidswerknemer.nl - wegwijzer gemaakt vanuit het perspectief van de zieke werkende
    •   www.ziekenmondig.nl - publicaties, tips en handige lijstjes om de zieke werknemer te ondersteunen 
  • ArboAntwoord
    Op deze arbowebsite geven experts en wetenschappers een antwoord op maat aan mensen met vragen over ziekte en werk. ArboAntwoord is een initiatief van het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten en het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid van het AMC. De site maakt deel uit van een wetenschappelijk onderzoek.
    •   www.arboantwoord.com

Na de behandeling

Nadat uw behandelingen zijn afgerond kan het mogelijk zijn dat op dat moment pas echt tot u doordringt wat er de afgelopen periode allemaal met u is gebeurd. De verwerking begint dan vaak pas echt. Tevens kan het zijn dat u dan goed voelt hoeveel energie de afgelopen periode u heeft gekost. U bent moe en uw conditie is verre van wat die was. Daarnaast wordt er mogelijk vanuit uw omgeving en/of uw werk weer van alles van u verwacht. Tijd nemen voor verwerking is belangrijk. In deze periode kunt u gebruik maken van de ondersteuning/begeleiding zoals die hier is beschreven. Voor meer informatie kunt u terecht bij uw casemanager.

Voeding

Goede voeding is voor iedereen belangrijk, maar zeker voor mensen met kanker is het van belang extra alert te zijn op wat men eet en drinkt. Het is belangrijk om in een goede voedingstoestand te zijn en een stabiel lichaamsgewicht te behouden. Om uw gewicht en conditie op peil te houden, moet u voldoende energie (calorieën), eiwitten, vocht en voedingsstoffen zoals vitamines en mineralen binnen krijgen.
Tijdens uw bezoeken in het ziekenhuis wordt u regelmatig gewogen. Als u afvalt, kan dat betekenen dat de ziekte of de behandeling meer energie vraagt. Of misschien bent u ongemerkt minder gaan eten. In dat geval geeft uw arts of casemanager u advies. Voor een persoonlijk advies kunnen zij u zo nodig verwijzen naar een diëtist.

Seksualiteit en intimiteit

Kanker en seksualiteit vormen op het eerste gezicht misschien een wat merkwaardige combinatie. Immers, bij seksualiteit denken we aan plezier en ontspanning, terwijl kanker het tegenovergestelde beeld oproept. In de periode dat de kanker net ontdekt is en een behandeling wordt gestart, denken de meeste mensen niet meteen aan seks, maar kan er wel behoefte zijn aan lichamelijke warmte en tederheid.

Na verloop van tijd wil iemand de draad van het ‘gewone’ leven weer oppakken en daar hoort voor veel mensen seksualiteit ook bij.

Uitleg en begeleiding voor (klein)kinderen

Praten met een (klein)kind, het klinkt zo eenvoudig. Maar hoe leg je uit dat je kanker hebt? Hoe moet je zeggen wat er aan de hand is? Moet je het trouwens wel vertellen? Moet je wel eerlijk zijn? Kinderen zijn over het algemeen zeer intuïtief, hoe jong ze ook zijn. Ze hebben razend snel in de gaten dat er iets mis is. Ouders die verdrietig zijn of een moeder fluisterend aan de telefoon. Het zijn voor een (klein)kind duidelijke signalen dat er iets geheimzinnigs aan de hand is waar ze niet bij betrokken worden. Het achterhouden van informatie of het verstrekken van gedeeltelijke informatie kan leiden tot angstige fantasieën bij het (klein)kind.
Weten kinderen wat er aan de hand is, dan zijn veel reacties heel normaal. Ze zijn verdrietig, angstig of boos en kunnen zich soms schuldig voelen.

Door met uw (klein)kind open en eerlijk over uw ziekte te praten en over de eventuele gevolgen ervan, krijgen zowel uw kind en u als (groot)ouder de kans gevoelens te uiten. Op deze manier wordt gezocht naar oplossingen.
De onderlinge band tussen (groot)ouder en het (klein)kind wordt versterkt door gevoelens uit te wisselen en te delen.

Belangrijke tips:

  • Zoek een rustig moment om met uw (klein)kind te praten.
  • Moedig het (klein)kind aan om vragen te stellen.
  • Vertel niet teveel tegelijk.
  • Ook als (groot)ouder heb je niet alle antwoorden, wees daarin eerlijk.
  • Uw (klein)kind mag uw verdriet best zien, verberg uw verdriet niet.
  • Let op afwijkend gedrag van uw (klein)kind.
  • Licht de school in, de leerkracht begrijpt dan beter waarom uw (klein)kind zich anders gedraagt. De leerkracht kan zo in de klas ook aandacht besteden aan de begeleiding van uw kind.

Voor kinderen en ouders is er ook informatie over kanker op www.kankerspoken.nl.
Tevens zijn er boekjes beschikbaar zoals Chemo-Kasper of Radio Robbie. Voor meer informatie vraag uw casemanager.

Lotgenotencontact en patiëntenvereniging

Een aantal patiënten stelt contact met medepatiënten op prijs. Het uitwisselen van ervaringen en het delen van gevoelens met iemand in een vergelijkbare situatie kunnen helpen de moeilijke periode door te komen. Lotgenoten hebben vaak aan een half woord genoeg om elkaar te begrijpen. Daarnaast kan het krijgen van praktische informatie belangrijke steun geven. Maar anderen vinden contact met medepatiënten te confronterend of hebben er geen behoefte aan.
Sommige mensen kennen zelf andere patiënten uit hun kennissen- of vriendenkring of ontmoeten hen op een andere manier, bijvoorbeeld op de polikliniek van het ziekenhuis.

Maar contact met lotgenoten kan ook tot stand komen via een patiëntenorganisatie. Voor patiënten met een melanoom is dit Stichting Melanoom. Op hun website is informatie te vinden over lotgenotencontact.

Wilt u deze informatie delen?

Maasstad Ziekenhuis gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.